Home Nationale ParkenBezienswaardighedenUpdate
Reisverslag 2011 ~ Pagina 1
All pictures © copyright hanz en henriëtte meulenbroeks
 
Inleiding

Normaal gesproken zijn we lang voordat we op reis gaan al volop bezig met de voorbereidingen. Er worden altijd heel wat reisverslagen gelezen, foto’s bekeken, routes uitgepuzzeld…. Maar deze keer, tijdens de maanden voor onze elfde Amerikareis, hadden we heel wat anders aan ons hoofd. Hectische tijden op het werk, in verband met een bedrijfsovername en de omschakeling naar andere computersystemen. Prachtige tijden als tijdelijke oppasopa en oppasoma. Drukke tijden, in verband met de verhuizing van mijn ouders naar een seniorenappartement. En vooral ook, hele zorgelijke tijden omdat mijn moeder in januari plotseling ernstig ziek is geworden. Een paar maanden lang zijn we er van uitgegaan dat onze reis helemaal niet door zou kunnen gaan… pas een week of drie voor de geplande vertrekdatum hebben we beslist: we gaan toch!

En dan moet je snel nog wat leuke bestemmingen uit gaan zoeken. Een draaiboek uitprinten. Esta regelen. Stoelnummers voor de vier vluchten vastleggen. En heel goed nadenken wat er nu eigenlijk perse mee moest op reis, want we mochten dit jaar voor het eerst nog maar 1 koffer per persoon meenemen. Met wat passen en meten lukte het gelukkig prima om onze kleding en alle onmisbare spullen in 2 grote koffers te krijgen. Een van de belangrijkste dingen die we moesten regelen was een goede kattenoppas, want sinds december lopen er weer twee van die kleine lieve beesten bij ons in huis rond. Gelukkig waren zoon Rob en zijn vriendin Elina heel graag bereid om Tara en Dexter tijdelijk te adopteren. Op eigen risico, wij gaven geen garantie dat hun gordijnen en hun meubels na afloop van de logeerpartij nog heel zouden zijn!
 

DE ROUTE
Dag 1:  Gerwen – Nuenen – Eindhoven – Nijmegen – Utrecht – Schiphol
Dag 2:  Schiphol – Detroit – Phoenix – Scottsdale
Dag 3:  Scottsdale – White Cliffs – Gallup
Dag 4:  Gallup – Pinedale Hoodoos – El Malpais NM – Grants
Dag 5:  Grants – El Morro NM – Albuquerque
Dag 6:  Albuquerque – Rio Rancho Rock Formations – Aztec Ruins NM – Farmington
Dag 7:  Farmington – Bisti Badlands North – La Plata Badlands – Farmington
Dag 8:  Farmington – De-Na-Zin Wilderness – Lybrook Badlands Overlook – Farmington
Dag 9:  Farmington – Lybrook Badlands – Farmington
Dag 10:  Farmington – Recapture Pocket – Blanding
Dag 11:  Blanding – House on Fire – Montezuma Creek Trail – Blanding
Dag 12:  Blanding – Fallen Roof Trail – Little Egypt – Hanksville
Dag 13:  Hanksville – Moab
Dag 14:  Moab – Buckhorn Draw – Goblin Valley SP – Escalante
Dag 15:  Escalante – Smokey Mountain Road – Stud Horse Point – Page
Dag 16:  Page – Sidestep Canyon – Cottonwood Canyon Road – Page
Dag 17:  Page – Cathedral Wash – Wupatki NM – Sedona
Dag 18:  Sedona – Gold King Mine – Wickenburg
Dag 19:  Wickenburg – Vulture Mine – Castle Hot Springs Road – Scottsdale
Dag 20 en 21:  Scottsdale – Phoenix – Memphis – Schiphol – Gerwen

 
Dag 1 : WOENSDAG 27 APRIL  :  GERWEN – NUENEN – EINDHOVEN - NIJMEGEN – UTRECHT – SCHIPHOL

© copyright  www.pictureyes.comJe kan in zo’n anderhalf uur van ’t Brabantse Gerwen naar Schiphol rijden, maar je kan er natuurlijk ook voor kiezen om er zowat de hele dag over te doen! Eerst naar Nuenen, even gedag zeggen tegen mijn ouders in hun mooie nieuwe woning. Daarna naar Eindhoven, om Elina op school op te halen. En vervolgens door naar Nijmegen, waar we twee dagen geleden onze kittens Tara en Dexter al hadden afgeleverd voor hun drieweekse logeerpartij.

Bij Rob thuis hebben we onze boarding passes uitgeprint. Hé, onze stoelnummers – die we van thuis uit al hadden vastgelegd – waren veranderd! Tenminste, die van de tweede vlucht, van Detroit naar Phoenix. Op zich geen probleem, het maakt ons niet zoveel uit waar we zitten. Maar dat mijn stoelnummer een heel stuk verder achterin het vliegtuig was dan dat van Hans, dat was natuurlijk minder leuk.

Nadat we bij Rob en Elina hadden geluncht, was het tijd om roerend afscheid te nemen van onze katjes. Daarna zijn we met ons vieren doorgereden naar Utrecht, waar we alweer een ‘we komen even afscheid nemen’-stop hadden gepland. Want we kunnen natuurlijk niet op vakantie gaan zonder even langs te gaan bij kleindochter Oona en haar mammie en pappie. En ook al was Schiphol nog niet in zicht, onze eerste vakantiefoto’s zijn hier in Utrecht al gemaakt. Want Oona is nu eenmaal het meest favoriete fotomodel van opa Hans!

Uiteindelijk was het half 8 ’s avonds, toen we op Schiphol aankwamen. Nog een keer zwaaien, naar Rob en Elina deze keer, en daarna mochten we via de douane naar het Mercure Hotel.
 
Dag 2 : DONDERDAG 28 APRIL  :  SCHIPHOL – DETROIT – PHOENIX – SCOTTSDALE

Gereden:  13 mijl

En omdat het Mercure Hotel achter de douane ligt, moesten we eerst met onze koffers weer terug naar de vertrekhal – via de douane, dus. De beambte die onze paspoorten bekeek heette ons Welkom Thuis; toch wel apart hoor als je net op het punt staat om aan je vakantie te beginnen.

Het ging allemaal lekker vlot, op Schiphol. Koffers inleveren, alweer door de douane – de goede kant op deze keer –, nog even wat eten. En toen was het al gauw genoeg tijd om aan boord van ons vliegtuig te gaan. Zaten er potverdorie zomaar twee mensen, een echtpaar uit Indië vermoeden wij, op onze stoelen aan de linkerkant van het gangpad! Toen we hen er op aanspraken zei de man in eerste instantie dat het hun stoelen waren. Onze boarding passes toonden ons gelijk aan, en toen wisten ze ineens wel wat er aan de hand was. Zij hadden eigenlijk op de stoelen aan de rechterkant moeten zitten maar ja, hun bagage lag nu al in de overhead bin aan de linkerkant. Of wij maar even rechts wilden gaan zitten. Ach, links… rechts…. dat maakt ons echt niets uit. We zijn dus maar naar de rechterkant verhuisd, gelukkig was daar nog genoeg plaats in de overhead bin voor onze fototas en laptoptas.

In Detroit ging alles al even vlot als op Schiphol. Met één klein oponthoud, Hans was bij de security check vergeten z’n broeksriem af te doen, dus de beveiligers moesten toch echt even uitzoeken wat voor gevaarlijke metalen voorwerpen hij onder zijn shirt verborgen had. Even later stonden we bij de gate vanwaar onze volgende vlucht zou vertrekken. Natuurlijk ging ik daar even vriendelijk vragen of ik in het vliegtuig alsjeblieft naast mijn mannetje mocht zitten. Maar de medewerker aan de balie reageerde bits en heel kortaf: “No seat changes”. Okay, dat was in elk geval wel duidelijk!
 
© copyright  www.ontdek-amerika.nlNa vijf uurtjes van elkaar gescheiden te zijn geweest, zagen we elkaar weer terug op de luchthaven in Phoenix. De koffers verschenen heel snel op de bagageband en de bus richting het autoverhuurstation stond al voor de deur. Dus in no time stonden we bij Dollar Rent a Car, om onze huurauto op te halen. Eerst even langs de balie om het papierwerk te regelen. De dame die ons te woord stond informeerde heel belangstellend wat onze plannen zoal waren, waarop Hans enthousiast begon te vertellen over de Lybrook Badlands, De-Na-Zin en meer van dat soort lekker afgelegen bestemmingen…… Ik probeerde Hans met ernstige blikken te waarschuwen…. Houd je mond, stupid!.... Gelukkig besefte hij net op tijd dat dit niet echt de juiste plek was om uit te gaan wijden over alle spannende dirtroadritten die we voor onze huurauto in petto hadden!

We mochten kiezen uit een hele rij SUV’s, en dat viel eerlijk gezegd niet mee. De ene na de andere auto viel af: geen echte 4WD, geen goede banden, bagageruimte niet groot genoeg….. Uiteindelijk bleven we hangen bij een witte Jeep Liberty die wel aan onze eisen voldeed. Vooral die banden, die hadden duidelijk een veel beter profiel dan alle andere auto’s daar in de rij. Maar toch was Hans niet enthousiast, want de auto was wit…. knetterwit zelfs (om even zijn woorden te gebruiken). Uiteindelijk kwamen we toch tot de conclusie dat goede banden belangrijker zijn dan een mooi kleurtje; even later reden we dan ook met onze knetterwitte Jeep Liberty de garage van Dollar uit.

Op weg naar de Walmart, die ik thuis op internet al had opgezocht. Met behulp van de TomTom en een uitgeprint plattegrondje van Street & Trips dacht ik er zo naar toe te rijden. Maar helaas…. hoe we ook zochten, er was geen Walmart te bekennen. Gelukkig vonden we wel een Albertsons (Albert Heijn, noemen we die meestal), en daar hadden ze alles wat we nodig hadden: campingstoelen, een koelbox en natuurlijk ook het nodige eten en drinken. We hadden nu nog 1 kort ritje voor de boeg: ons hotel, de Days Inn, lag een kleine 10 minuten rijden van de winkel vandaan. Helaas raakte TomTom opnieuw in de war, hij kende het huisnummer dat we intoetsten niet. Ons “kleine 10-minuten-ritje” werd uiteindelijk een zoektocht die ruim 20 minuten duurde. En geloof me, aan het einde van zo’n lange reisdag tikken die extra 10 minuten toch best even hard aan. Wat kan de ontdekking van een “Days Inn”-bordje langs de kant van de weg een mens dan toch blij maken!
 

Dag 3 : vrijdag 29 april : scottsdale - white cliffs - gallup

Gereden :  341 mijl

We kiezen er vrijwel altijd voor om op de eerste echte vakantiedag meteen een heel eind te gaan rijden. We zijn immers toch hartstikke vroeg wakker, dus we hebben tijd genoeg voor een lange rit. Iets voor 7 uur stapten we in de auto, en meteen al had ik een ernstig meningsverschil met onze TomTom. Ik wilde rechtsaf, Tommie bleef hardnekkig zeggen dat we linksaf moesten slaan. Hij wilde dat we naar Interstate 17 zouden rijden, maar ik vond dat het State Route 87 moest worden. Gelukkig luisterde Hans naar mij…… (natuurlijk luisterde Hans naar mij!)…. en dus reden we even later via de mooie State Route 87 naar het plaatsje Payson toe. Mooie rotsen, veel saguaro-cactussen, echt een lekker Amerikaans landschap dus om meteen het goede vakantiegevoel te krijgen. © copyright  www.ontdek-amerika.nlVoorbij Payson reden we eerst door een bosgebied, en daarna door een dor en droog landschap met aan beide zijden van de weg ontelbare lage sage brush-struiken. Het was inmiddels behoorlijk hard gaan waaien, er stuiterden nu voortdurend tumbleweeds van links naar rechts over de weg heen. Leuk om te zien!

Het was een lange rit naar Gallup, maar we vermaakten ons prima met al die verschillende landschappen waar we doorheen reden. Vooral rondom de grens tussen Arizona en New Mexico was ’t heel erg mooi…. we zagen allemaal prachtige rotsen links en rechts van ons. Als we zoiets zien dan hebben we allebei ineens zo’n stemmetje in ons hoofd….. “Hansje…. Tetje…. kom eens kijken of hier geen spannende hoodoos, arches en canyons verstopt liggen….”  Best moeilijk hoor om dat stemmetje te negeren, maar we zijn toch maar netjes, zonder onbekende zijweggetjes in te slaan, rechtstreeks naar Gallup gereden. Het was nog hartstikke vroeg toen we daar arriveerden, te vroeg eigenlijk om al in te kunnen checken. Maar proberen kan natuurlijk altijd, dus zijn we toch meteen naar ons motel gereden. En we hadden geluk, we mochten meteen al naar onze kamer toe. Bijna meteen…. de vrouw aan de balie vroeg of we het erg vonden om 10 minuutjes te wachten, de kamer werd net schoongemaakt. Onze kamer zat op de 1e verdieping, we sjouwden onze bagage alvast naar boven en hebben daar op de balustrade gewacht tot onze kamer klaar was. © copyright  www.ontdek-amerika.nlDe schoonmaker voelde zich blijkbaar wat opgejaagd door onze komst, elke keer als hij vanuit de kamer naar buiten stapte om iets van de kar met schoonmaakspullen te pakken zei hij op heel verontschuldigende toon “I’m almost ready, just a few minutes…”  We zeiden hem dat hij zich voor ons echt niet hoefde te haasten, maar dat veranderde niets aan zijn “I’m so sorry”-houding.

Terwijl we daar op de balustrade stonden te wachten, zagen we een klein vogeltje dat heel erg graag van rechts naar links langs het motel af wilde vliegen. Maar die wind….. elke keer als ie een stukje vooruit was gekomen werd ie zo’n zelfde stuk ook weer achteruit geblazen. Dan landde het beestje op de rand van de balustrade, bleef even zitten, vloog weer een stukje verder en werd onverbiddelijk ook weer teruggeblazen. Arm beest, hij kwam echt geen meter verder. Hoe het met de vogel verder is gegaan weten we niet, want op gegeven moment konden we – met de nodige “God bless you’s” van onze schoonmaker, onze kamer op. Waar we tot de ontdekking kwamen dat de goede man in al zijn haast de koelkast had overgeslagen, die stond nog helemaal vol met etensresten van de vorige gast. De schoonmaker was nog in de buurt, dus gelukkig konden we hem nog vragen of hij al die bakjes Chinees mee wilde nemen. Daarna konden onze eigen sinaasappelsap, chocomel, plakjes ham en blikjes perzik de koelkast in.

Niet veel later reden we, net ten oosten van Gallup, via de Superman Canyon Road naar onze eerste bezienswaardigheid van deze vakantie. Nu klinkt dat heel stoer, Superman Canyon Road, maar het was gewoon een brede, heel eenvoudig begaanbare dirtroad. We slaagden er niet eens in om onze nog steeds veel te witte auto hier een beetje stoffig te krijgen. Langs deze weg liggen twee hoodoogroepen, die samen de White Cliffs worden genoemd. De voorste groep zou het mooist zijn, die wilden we voor het laatst bewaren dus gingen we meteen door naar de verst weg gelegen groep. Die bleek heel makkelijk te vinden te zijn, we parkeerden de auto zomaar langs de kant van de weg en na een paar minuten lopen stonden we al bij de hoodoos. The Sfynx, Crying Child, Mushroom Hoodoo, we hebben er uitgebreid de tijd voor genomen om ze van alle kanten te fotograferen. De rotswand beschutte ons gelukkig prima tegen de wind, we hadden er hier helemaal geen last van.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlNa dit leuke aperitiefje gingen we verder voor het hoofdgerecht: de witte hoodoos. Maar op dat moment ging het mis. Volgens onze routebeschrijving zouden we via een smal zijweggetje naar de rotswand toe moeten rijden, en er lag inderdaad zo’n weggetje precies op de plek die door het Waypoint op onze GPS werd aangegeven. Het paadje zou richting een indianenwoning gaan, zo stond in mijn informatie te lezen, en ook dat klopte precies. Nu willen we natuurlijk niet over het privé erf van de bewoners daar gaan rijden, we moesten dat huis dan ook rechts laten liggen. Maar ja, dat moet dan wel kunnen, het weggetje naar links dat we zouden moeten volgen bleek onvindbaar te zijn. We hebben echt flink gezocht, maar alle paadjes gingen, zonder uitzondering, naar een van de indianenwoningen. Frustrerend hoor, we zagen de hoodoos in de verte tegen de rotswand staan, en toch waren ze onbereikbaar.

Natuurlijk weten we dat er tijdens elke vakantie een paar dingen niet zullen lukken, dat hoort er nu eenmaal bij als je steeds naar de wat minder bekende plekken op zoek bent. Maar dat dat meteen al op de eerste dag gebeurde, dat was flink balen hoor. We hadden echt nog geen zin om al naar onze motelkamer terug te gaan, we zijn dus zomaar een stuk verder de Superman Canyon Road ingereden. Een bordje met de tekst: “Private Property. No Trespassing” maakte al snel een eind aan dit avontuur. En ook de onbekende dirtroad die we daarna op goed geluk uitkozen leverde niets op, al na een paar minuten rijden bereikten we het einde van dat weggetje, er lag daar een groot motorcrossterrein. Tja, dat was ook niet echt de bezienswaardigheid waar we naar op zoek waren. We hebben het toen maar definitief opgegeven om op deze eerste dag nog meer mooie plekjes te ontdekken, we zijn teruggegaan naar Gallup. In de hoop dat we de volgende dag meer geluk zouden hebben. 

 
Dag 4 : zaterdag 30 april : gallup - pinedale hoodoos - el malpais nm - grants

Gereden :  245 mijl

© copyright  www.ontdek-amerika.nlMaar het geluk liet ons opnieuw in de steek. Want er stond een hek, een levensgroot hek, midden op de weg waarover wij naar de Pinedale Hoodoos wilden rijden! Het was dus meteen duidelijk dat Indian Route 11 niet ónze route zou worden. We hoopten maar dat mijn wegenkaart uitkomst zou bieden, er zou toch vast wel een alternatief weggetje te vinden zijn? Nou nee, niet echt dus. Het enige ‘weggetje’ dat mogelijk leek was Interstate 40, waarover we dan een heel stuk door zouden moeten rijden naar het oosten, om vervolgens via kleine binnenwegen weer helemaal naar het westen terug te gaan. Niet 15 minuten rijden naar de Pinedale Hoodoos, zoals we hadden gepland, maar anderhalf uur rijden! We hebben even flink staan twijfelen. Gingen we voor die lange route, of zouden we de Pinedale Hoodoos voor vandaag maar even vergeten en nu naar El Morro National Monument rijden? Maar ja, we hadden die hoodoos nou eenmaal in ons hoofd zitten, dus die moesten het toch echt gaan worden. Omrijden, dus!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlTerwijl we weer terugreden naar Interstate 40 kwamen we door een klein hoekje van het voor ons onbekende Red Rock State Park. Er stond een stel grote, heel licht gekleurde hoodoos zomaar langs de kant van de weg, natuurlijk zijn we daar even gestopt om ze te fotograferen. ’t Viel niet mee om dat bleke gesteente met de bleke lucht op de achtergrond een beetje leuk op de foto te krijgen. Hans klom omhoog, naar de achterkant van de hoodoos, in de hoop van daaruit een mooier plaatje te krijgen. Nou, dat had ie beter niet kunnen doen. Want op die steile helling is hij behoorlijk hard onderuit gegaan, zijn fototoestel heeft ie kunnen redden maar zijn armen en benen niet: die zaten stevig onder de schaafwonden. Vooral z’n elleboog, die zag er echt niet meer uit. En dat allemaal voor een paar niet zo geslaagde foto’s! Nadat alle oorlogswonden weer zo’n beetje waren opgelapt, zijn we het Red Rock State Park nog even verder ingereden. En ook weer heel gauw uitgereden, toen we merkten dat het vooral een park was waar rodeo’s en paardenkampen worden georganiseerd. Niet echt iets voor ons, dus.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlEen dik uur later bereikten we dan toch eindelijk de 2nd Canyon Road, de onverharde weg waar langs de Pinedale Hoodoos liggen. Hmmm, hier moet je niet rijden als het geregend heeft, de weg was – waarschijnlijk na eerdere regenbuien – helemaal kapot gereden. Gelukkig was het nu kurkdroog, maar vanwege de flinke spoorvorming moest chauffeur Hans tijdens dit ritje toch wel even extra goed opletten.

Wat zijn we blij dat we uiteindelijk toch voor de Pinedale Hoodoos hebben gekozen. Want meteen al vanaf het moment dat we ze voor ons zagen verschijnen, waren we verkocht! Allemaal roze-bruine rotspilaren, dicht bij elkaar ‘opgestapeld’ tegen een schuine rotswand.  Kleine hoodoos, grote hoodoos en nog grotere hoodoos, veel groene struiken en boompjes daar tussendoor, het was echt prachtig om te zien. Een ding was wel wat jammer: de zon stond recht voor ons, helemaal verkeerd dus. We moesten, net zoals bij de hoodoos in het Red Rock State Park deze ochtend, via de schuine rotswand naar de achterzijde van de hoodoos klimmen om de zon in de rug te kunnen krijgen. Probleempje, ik durfde niet. Op schuine wanden kan ik me niet echt lekker staande houden, en deze wand was wel heel erg schuin! Ik heb de eer dan ook maar aan Hans gelaten, en ben zelf de hoodoogroep van beneden uit gaan verkennen.

Verderop aan de 2nd Canyon Road bevinden zich nog twee hoodoogroepen. Dankzij de goede routebeschrijving vonden we de tweede groep al net zo makkelijk als de eerste, we zagen de hoodoos al van ver tegen de rotswand staan. Deze groep was zelfs nog mooier dan de eerste, wat stonden hier  ontzettend veel van die prachtige exemplaren op een kluitje bij elkaar, echt fantastisch. Omhoog klimmen tegen de rotswand was hier niet mogelijk, dus deze groep moesten we echt van beneden uit fotograferen. Gelukkig maar dat we hier wat minder last van tegenlicht hadden. Natuurlijk gingen we ook hoodoogroep nummer 3 nog bekijken. © copyright  www.ontdek-amerika.nlVolgens onze informatie zou dat de minst mooie groep zijn, en dat klopte helemaal. We vonden hier alleen wat verdwaalde exemplaren  die er niet al te spectaculair uitzagen, achteraf gezien hadden we dit plekje best over kunnen staan. Maar dat maakte niet uit, onze dag kon – dankzij die twee andere hoodoogroepen - echt niet meer stuk. 

Vanuit Pinedale reden we naar Grants. We zagen veel paarden onderweg, een zwarte lama en ook een kudde schapen met opvallend grote hoorns. Die werden bijeen gedreven door een hond, zoiets verwacht je niet te zien als je naar New Mexico gaat. Eenmaal terug op Interstate 40 reden we opvallend vaak kleine groepjes fietsers voorbij, en toen we ook nog eens een auto met de tekst “America by Bicycle” zagen rijden was het wel duidelijk dat het hier om een georganiseerde tocht ging. Natuurlijk hebben we later nog wel even opgezocht waar die fietsers naar op weg waren. Nou, om precies te zijn, ze waren vertrokken in Californië en hun eindpunt lag in de staat Massachusetts, aan de oostkust! Pffff, zij liever dan ik!

We hadden voor de rest van onze vakantie geen motels meer gereserveerd, dus onze eerste opdracht in Grants was: een slaapplaats zoeken. Nu zijn we geen fans van motels die dicht bij spoorwegen liggen (iedereen die in Amerika ooit dicht bij een spoorwegovergang heeft overnacht weet waarom), maar we hadden geen keus. Alle motels lagen in een lange rij bij elkaar, bij de spoorbaan dus. We hebben er op goed geluk maar eentje uitgekozen, ik weet niet eens meer of het nu een Motel 6, een Super 8 of nog iets anders was. Op gegeven moment lijken ze allemaal op elkaar, toch!

We hadden nog tijd genoeg om naar de oostzijde van El Malpais National Monument te rijden. Onze eerste stop was de Sandstone Bluffs Overlook, waar we vanaf een hoog gelegen rotsplateau gigantisch ver over het lager gelegen landschap uit konden kijken. © copyright  www.ontdek-amerika.nlNu is het fotograferen van weidse uitzichten al niet echt makkelijk, maar als je zo’n beetje uit je sokken wordt geblazen door de harde wind is het echt compleet onmogelijk om een fatsoenlijke foto te maken. We hebben de zonsondergang dan ook maar niet afgewacht hier, ’t was een mooie plek maar geen echte topper. Stop nummer 2 was bij de La Ventana Arch, een natuurlijke boog in een zandstenen rotswand. Nu houden Amerikanen er van om in hun informatie toch vooral woorden als grootste, hoogste, diepste en dergelijke te gebruiken, La Ventana Arch is dus de grootste natuurlijke boog in de staat New Mexico die makkelijk bereikbaar is. Als we die toevoeging ‘makkelijk bereikbaar’ weglaten is het nog altijd de nummer 2 op de lijst van grootste natuurlijke bogen van deze staat, met een indrukwekkende spanwijdte van 41 meter.

Ons laatste doel was The Narrows. Dat is geen canyon, zoals je vanwege die naam zou verwachten, maar een 2 mijl lange klif waar de weg direct langs af loopt. Op sommige plekken was die rotswand best wel fotogeniek, maar helaas zagen we vrijwel nergens een goede stopplaats. Eén keer zijn we zomaar midden op de weg gestopt om een paar foto’s te maken, maar echt veilig stonden we daar niet dus zijn we al snel weer verder gereden. Teruggereden, beter gezegd, want voorbij The Narrows hadden we niets meer op de planning staan. Een kleine 3 kwartier later waren we weer terug in Grants. Waar we op onze motelkamer mooi uit konden gaan puzzelen wat we de volgende dag zoal zouden gaan doen.

 
Dag 5 : zondag 1 mei : grants - el morro national monument - albuquerque

Gereden :  184 mijl

Wat kan een mens zich toch vergissen. In 2008 en in 2009 hebben wij El Morro National Monument links laten liggen, omdat we dachten dat het niet zo’n heel interessant park zou zijn. En ook dit jaar bungelde El Morro zo’n beetje onderaan ons wensenlijstje. Alleen als het toevallig ergens in onze route past, zo luidde onze afspraak. En ja hoor, vandaag was het dan zo ver, we hadden zomaar een gaatje van een paar uur in de planning. Tijd dus om naar El Morro te rijden, als tussendoortje.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlEl Morro is de naam van een langgerekte zandstenen rots van ruim 70 meter hoog, aan de schaduwzijde van die rots bevindt zich een permanente waterpoel. Honderden jaren lang zijn er reizigers voor het water en voor de schaduw naar deze plek gekomen, en veel van die reizigers hebben tekeningen, namen, datums en boodschappen in het zachte zandsteen gekerfd. Er zijn nu nog meer dan tweeduizend van die inscripties zichtbaar, sommigen heel vaag, maar anderen nog heel erg duidelijk.

We hadden wel een koude dag uitgekozen zeg, om de twee trails in El Morro National Monument te gaan lopen. De temperatuur kwam maar nauwelijks boven het vriespunt uit, en daarbij waaide het ook nog eens flink. De Ranger in het Visitor Center waarschuwde ons al dat het boven op de rots nog eens extra koud zou zijn, we hebben ons dus maar dik aangekleed en dat was zeker geen overbodige luxe. De eerste wandeling die we hadden gepland was de korte Inscription Trail, waarbij je eerst de waterpoel ziet, en daarna de rotswand met de vele inscripties. Van de Ranger hadden we een geplastificeerd boekje meegekregen, waarin we konden lezen wanneer en door wie de namen en boodschappen in de rotswand waren gekerfd. © copyright  www.ontdek-amerika.nlDe Spaanse namen waren het oudst, de eerste Spanjaarden zijn hier al zo’n 400 jaar geleden langs gekomen. De latere inscripties zijn gemaakt door soldaten die behoorden tot Amerikaanse legerexpedities, en door arbeiders die aan de Santa Fe Railroad hebben gewerkt.

Dankzij de uitgebreide uitleg in het boekje kwamen we meer te weten over al die mensen. Over E. Penn Long en P. Breckinridge bijvoorbeeld, zij waren leden van een Amerikaanse legerexpeditie die in het jaar 1857 een goede route moest vinden van Fort Smith in Arkansas naar de Colorado River. Tijdens deze expeditie werd getest of het nuttig zou zijn om kamelen (!) in te zetten in het woestijnklimaat in zuidwest Amerika, een experiment dat werd gestaakt op het moment dat de Amerikaanse Burgeroorlog begon.  Op de derde foto staat een Spaanstalige tekst, de vertaling luidt: “Pedro Romero passeerde hier op 2 augustus van het jaar 1751.” Helaas verkeert deze inscriptie niet meer in de oorspronkelijke staat, lang geleden hebben de eerste Rangers van het National Monument geprobeerd om de minder duidelijke inscripties beter leesbaar te maken door ze met grafiet donkerder te maken. Deze manier van ‘restaureren’ wordt al sinds de jaren ’30 van de vorige eeuw niet meer gebruikt. 

Het was ongelooflijk boeiend om al deze verhalen te lezen en tegelijk de bijbehorende inscripties te bekijken. Daarbij was het ook nog eens een erg leuk fotografie-onderwerp, ik geloof niet dat we ooit eerder op zo’n korte afstand zo ontzettend veel foto’s hebben gemaakt! El Morro National Monument was voor ons duidelijk veel meer dan het ‘tussendoortje’ dat we vooraf hadden verwacht.

 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl
 

Aan het einde van The Inscription Trail stond een box waarin we het boekje konden achterlaten. Handig! We konden meteen verder met de tweede wandeling, die gewoon verder gaat waar The Inscription Trail eindigt. We liepen eerst nog een stuk langs de voet van de rots, maar al snel begon het pad te stijgen. Flink te stijgen, het was op sommige stukken behoorlijk steil. Via switchbacks klommen we nog een stuk verder omhoog, tot aan de top van El Morro. © copyright  www.ontdek-amerika.nlEn daar verraste het park ons voor de tweede keer: aan de ene kant was er een mooi zicht over een uitgestrekte vlakke vallei, aan de andere kant keken uit over de kleurrijke top van de rots. Wit, geel, lichtbruin, roze, al die zachte tinten in de rotsbodem waren prachtig om te zien. El Morro is geen massief rotsblok, binnenin ligt de smalle Box Canyon. Met daarin een eenzame, smalle rots midden tussen de groene bomen, die ons deed denken aan Spider Rock in Canyon de Chelly National Monument. Via in de rotsbodem uitgehakte sleuven en trapjes liepen we om Box Canyon heen, er waren enkele momenten dat we even geen duidelijk pad meer zagen maar dan was er altijd wel weer een cairn die ons de goede kant op wees. We hadden wel geluk met het weer, rondom ons zagen we overal dreigende wolken hangen maar wij hielden het tijdens de hele wandeling droog. We kregen zowaar nog wat zon, zo nu en dan.

Nadat we om Box Canyon waren heengelopen, kwamen we terecht bij de Atsinna Pueblo.  Ruim 700 jaar geleden hebben hier, boven op El Morro, mensen gewoond. Atsinna was destijds een behoorlijk groot dorp, maar daarvan is nu niet veel meer te zien, er zijn slechts enkele kamers en een kiva uitgegraven. We hebben wel eens pueblos gezien die meer indrukwekkend waren, maar de hoog gelegen locatie van deze Atsinna Pueblo maakt het totaalplaatje toch wel weer bijzonder.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlZo’n twee-en-een-half uur nadat we onze wandelschoenen hadden aangetrokken, waren we weer terug bij het Visitor Center. Daar hebben we buiten zitten picknicken, lekker in de zon en met een dikke jas aan! Maar toen we daarna richting Albuquerque reden liet diezelfde zon ons flink in de steek. Net voor Grants dwarrelden er wat verdwaalde sneeuwvlokjes naar beneden, en op het moment dat we Grants voorbij reden werd het helemaal bar en boos: de inktzwarte wolken hingen zo laag dat ze de auto bijna leken te raken, en al gauw zaten we midden in een gigantische regenbui. Links voor ons kwam uit de wolken zelfs een tornado-achtige slurf naar beneden, okay ’t was maar een kleintje, maar toch…. Zo ongeveer halverwege tussen Grants en Albuquerque lieten we de bui achter ons, maar het bleef wel grauw en grijs overal. En wit, er lag een dun laagje sneeuw op de heuvels rondom de Interstate!

In Albuquerque was het droog, maar nog wel ijzig koud. We hoopten maar dat we in de namiddag toch nog even wat hoodoos net buiten de stad zouden kunnen gaan bekijken, maar lang mochten we niet hopen. Want op het moment dat we onze koffers bij een motel naar binnen droegen, begon het te sneeuwen, heel hard te sneeuwen. Met grote dikke witte vlokken. “It just looks like Christmas out there!” zei de receptionist van het motel, en we konden hem alleen maar gelijk geven. © copyright  www.ontdek-amerika.nlDe rest van de middag bleef het sneeuwen, pas toen we weer de deur uit gingen om een hapje te gaan eten vielen de laatste vlokken naar beneden. En zowaar, vrijwel meteen daarna kwam de zon door! De nattigheid op het wegdek begon meteen te verdampen, er trok een dikke laag stoomachtige mist naar boven. Bij een kruispunt liepen een paar voetgangers van wie we op gegeven moment alleen nog maar een spookachtig silhouet in de mist zagen, ’t was echt een surrealistisch plaatje.

Terwijl we zaten te eten bleef de zon goed z’n best doen, het wegdek bleef maar stomen en de temperatuur liep zowaar nog een beetje op, zo laat op de dag. We besloten om – voordat we terug zouden gaan naar ons motel – nog even bij de Albert Heijn langs te gaan. Dat bespaarde morgenvroeg toch weer wat tijd. ’t Was toch nog flink koud toen ik daar uit de auto stapte; op dat moment drong het tot me door dat ik mijn fleecejack in het restaurant had laten hangen! We zijn toch maar even teruggereden, want ik zou dat jack vast nog wel vaker nodig hebben deze vakantie, vreesden we.

Toen we weer op de motelkamer zaten, besefte ik dat ik iets in de auto had laten liggen. Tja, oma wordt vergeetachtig….. Ik liep via de lobby van het motel naar buiten, en even later via dezelfde weg weer terug. Op dat moment viel het me op dat er een klein groepje mensen vol aandacht naar de televisie stond te kijken; tussen hun hoofden door meende ik de tekst “Osama Bin Laden dead” te zien staan. Hmmmm, toch maar eens een nieuwszender zoeken, op onze tv. We zapten even wat rond, en al gauw stuitten we op de eerste beelden van opgewonden televisiepresentators, en juichende mensen voor het Witte Huis in Washington. Ja hoor, het was echt zo, Osama Bin Laden was gedood door een Amerikaans legerteam. Op een of andere manier komt zo’n nieuws hier, op een motelkamer in de USA, toch net even anders binnen dan thuis in Gerwen op de bank. Maar na een tijdje zijn we toch maar weer teruggeschakeld naar The Weather Channel, want nieuws over eventuele regen- en sneeuwbuien voor morgen vonden we toch net nog wat belangrijker!
 
Dag 6 : maandag 2 mei : albuquerque - rio rancho - lybrook badlands - aztec ruins nm - farmington

Gereden : 275 mijl

© copyright  www.ontdek-amerika.nlEcht veel goeds werd er niet voorspeld, helaas. Ook vandaag zou het een hele koude dag worden, met kans op regen en sneeuw. Maar op het moment dat we bij ons motel wegreden was het droog, en we besloten om toch in elk geval een poging te gaan doen om het hoodoo-gebied net ten noordwesten van de stad te gaan bekijken. Via een woonwijk reden we de stad uit, en hoe verder we kwamen, hoe goedkoper de buurt werd. We gingen van stinkend dure villa’s, via een nette arbeiderswijk, naar slecht onderhouden houten huisjes midden tussen oude auto’s , schroot en andere rommel. En daar weer achter lag niets meer, behalve dan een netwerk aan zandwegen die de toekomstige uitbreiding van Albuquerque al leken aan te kondigen.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlMet de nodige twijfel begonnen we aan onze 10 mijl lange dirtroad-route. Hoe zouden de onverharde wegen er bij liggen, na het slechte weer van gisteren? En zou het lang genoeg droog blijven, niet alleen om naar de hoodoos toe te rijden maar ook om daarna weer terug te komen in de bewoonde wereld? De conditie van de weg leek mee te vallen, het grootste deel van de rit ging over een brede, eenvoudig begaanbare gravelroad en die had niet al te veel te lijden gehad van al die regen en sneeuw, het was wat hobbelig hier en daar maar gelukkig wel heel goed te doen. Tijdens onze rit hielden we de lucht boven ons wel met argusogen in de gaten, achter ons regende het (of was het sneeuw?) en voor ons hingen veel donkere wolken. Op gegeven moment begon het lichtjes te sneeuwen, maar dat duurde maar heel kort. En omdat de conditie van de weg nog steeds acceptabel was, durfden we het aan om verder te rijden.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe hoefden nog maar één zijweggetje in te slaan, nog maar een paar honderd meter te rijden, toen het er toch nog even naar uitzag dat we de hoodoos niet zouden kunnen bereiken. En dat vanwege een reden die we helemaal niet hadden voorzien! Uit het zijweggetje kwam een auto in onze richting rijden, de man achter het stuur keek uiterst verbaasd toen hij onze auto zag. Hij stopte, en we zagen dat hij toch wel graag even met ons wilde praten. “What are you doing here, this is private property!” zo liet hij ons weten. O jee, dat wisten we dus echt niet. In onze routebeschrijving werd hiervan nergens melding gemaakt, en we waren onderweg ook echt niets tegengekomen waaruit bleek dat we hier over privé terrein reden. Gelukkig bleek het een hartstikke vriendelijke kerel te zijn, hij was vooral verbaasd maar zeker niet boos om ons hier aan te treffen. Terwijl zijn zoontje en zijn drie honden vanuit de auto toekeken, legde hij uit dat dit gebied tot een ranch behoorde, hij was als knecht bij die ranch werkzaam. Soms reden hier wel eens lui met 4WD-auto’s of Quads rond die vernielingen aanrichtten, en die het loslopende vee de stuipen op het lijf joegen. © copyright  www.ontdek-amerika.nlMaar hij zag wel dat wij niet zulke types waren. Uiteraard vertelden wij dat wij het kleine hoodoogebied hier vlakbij wilden gaan fotograferen, de naam die wij noemden zei hem niets maar hij begreep uit onze omschrijving wel direct welk gebied wij bedoelden. Even aarzelde hij nog, ik had de indruk dat hij aan z’n baas dacht, en dat hij ons van die baas toch eigenlijk wel weg zou moeten sturen. Maar toen wij vertelden dat we helemaal vanuit Nederland naar de USA waren gekomen,  kon hij het duidelijk niet meer over z’n hart verkrijgen om ons zo kort voor het einddoel om te laten draaien. Hij legde zelfs nog even heel behulpzaam uit hoe het laatste stukje van de route ging, en wenste ons veel succes!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWat zijn we die goeie man dankbaar dat hij ons door liet rijden! Want we hebben dus weer een prachtige ervaring op ons lijstje bij kunnen schrijven. Een ervaring in de categorie ‘klein maar fijn’. De hoodoos liggen allemaal in een kleine komvormige verlaging in het landschap, een dikke 100 meter breed en 100 meter lang, zo schatten we. En de meeste hoodoos zijn niet hoger dan 1 of 2 meter, al zijn er ook wel een paar hogere exemplaren te vinden. Maar mooi dat ze zijn, echt super! Een witte rotslaag vormt de ‘stam’ van de hoodoos, en bovenop zit steeds een uit dunne, donkere rotsplaten opeengestapelde ‘hoed’. Heel speciaal vonden we de hoodoo waar vanuit de voet een helemaal krom getrokken boompje groeide, hoe kan ’t toch ontstaan! Achter de kom lag een enorme vlakte met een goudgeel gekleurde rotsbodem, aan de horizon lagen wat hogere rotsplateaus en daar weer achter zagen we wit besneeuwde bergen. Kan je je nog een mooier achtergronddecor voorstellen?

Na anderhalf uur fotograferen zijn we naar de auto teruggegaan. Met tegenzin, we hadden hier nog veel langer willen blijven. Maar ja, die donkere wolken hè, we moesten het geluk toch niet te veel gaan tarten. We reden zonder problemen terug naar Albuquerque, en vervolgens gingen we via State Route 550 verder naar het noorden. Het was onze bedoeling om in het kleine plaatsje Cuba een motel te boeken, en van daaruit deze namiddag de San Jose Badlands en morgen de Lybrook Badlands te gaan bezoeken. Vooral die Lybrook Badlands, daar hadden we enorm veel zin in, we hoopten zelfs dat dit gebied het absolute hoogtepunt van onze vakantie zou worden.

Op de lage heuvels rondom de weg lag nog sneeuw. Eerlijk gezegd verbaasde dat ons wel, we hadden wel verwacht dat de hoger gelegen toppen nog wit zouden zijn, maar dat er ook zo laag nog sneeuw zou liggen hadden we niet aan zien komen. In eerste instantie vonden we het prachtig, ’t is toch weer even iets anders om het landschap zo te zien. Maar toen we zagen hoe enorm slecht de dirtroads links en rechts van de weg erbij lagen werd ons enthousiasme heel snel minder. Als de route naar de Lybrook Badlands er ook zo uit zou zien, dan konden we onze rit morgen echt wel vergeten!

 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl
 

We reden Cuba voorbij zonder een motel te boeken. Eerst maar eens even kijken hoe de beide wegen naar Lybrook er uit zouden zien, het had immers geen zin om in Cuba te blijven als we die routes niet zouden kunnen rijden. En de dirtroad die naar een hoog gelegen viewpoint liep zag er dus vreselijk uit: het was een dikke vieze vette modderlaag. Hier was echt geen twijfel mogelijk, zelfs al zou er vandaag en morgen geen druppel meer vallen, dan nog was deze weg absoluut onberijdbaar voor ons. We baalden vreselijk. Want als deze dirtroad er zo slecht bij lag, dan zou het met de andere dirtroads die we voor de komende dagen gepland hadden vast niet veel beter zijn.

fotos-reisverslag2011-1.htmlDe dirtroad naar de San Jose Badlands hebben we niet eens uitgeprobeerd, dat gebied stond niet al te hoog op ons verlanglijstje. Maar dat we niet naar de Lybrook Badlands zouden kunnen gaan, dat deed flink pijn. De onverharde weg die het badlandsgebied in gaat begint op een heel andere plek dan de route naar het viewpoint; we zijn ook daar naar toe gereden om te kijken hoe die weg er bij zou liggen. Tegen beter weten in, het zou hier ongetwijfeld net zo modderig en onbegaanbaar zijn. Maar het wonder geschiedde…… we reden hier zomaar de grens van het sneeuwgebied voorbij, het was hier droog en de dirtroad zag er prima uit! We durfden nog niet blij te zijn, dat het begin van de weg goed was zei natuurlijk nog niets over het midden of het eind van de route. We zijn dan ook gewoon verder gereden, even checken hoe ver we zouden kunnen komen.

Enkele honderden meters voordat we de beoogde parkeerplaats bereikten, moesten we door een wash heenrijden. En daar hield het dus op met ons avontuur, er stroomde nog behoorlijk veel water door het kleine beekje en we durfden daar niet doorheen te rijden. Heel even hebben we overwogen om de auto hier neer te zetten, en te voet verder te gaan. Maar ons gezonde verstand won het gelukkig van ons verlangen om nu – onvoorbereid – naar de Lybrook Badlands te gaan. Het was immers veel te laat om nu nog aan zo’n lange hike te gaan beginnen, we hadden een volle dag voor dit gebied gepland en er was nu nog maar een halve dag over. Maar we waren al lang blij dat we deze bestemming niet over hoefden te slaan, binnen nu en een dag of twee, drie, zouden we hier zeker terugkomen.

fotos-reisverslag2011-1.htmlWe draaiden om en reden via dezelfde route terug. We wisten al dat we onderweg langs een klein hoodoogebied zouden rijden, op de heenweg hadden we dat even links laten liggen maar nu besloten we om er toch even naar toe te lopen. Van verre zag het er nog niet echt veelbelovend uit, maar toen we dichterbij kwamen bleek het toch een heel leuke plek te zijn. We hebben al zoveel hoodoos gezien, maar toch heeft elk gebied weer z’n eigen karakter. Een heel stel van de hoodoos hier zaten aan de onderzijde nog vast aan elkaar, uit de lage grijze badlandsheuvel staken grijze hoodoo-voeten omhoog. Met daarop donkerbruine kappen met lichte vlekken. En hier en daar zaten er hele donkere concretions (dat zijn ronde rotskogels) in de grijze badlands, heel mooi om te zien.

Toen we weer terug waren op State Route 550, hadden we nog een flink stuk middag over. Te vroeg dus om al een motel te gaan zoeken in Farmington, de stad die we nu als overnachtingsplaats hadden uitgekozen. Het was een mooi moment om even bij Aztec Ruins National Monument langs te gaan, een park waar je de overblijfselen van Anasazi pueblo’s uit de 11e, 12e en 13e eeuw kan bezichtigen. Omdat we tijdens deze reis geen Nationale Parken in de planning hadden opgenomen, hadden we geen America the Beautiful Pass gekocht. Dat betekende dat we hier de entreeprijs nog moesten voldoen, dus meldden we ons netjes bij de dame die de toegangskaartjes verkocht. Of wij een Senior Citizens Pass hadden, vroeg ze. Uhhh….. had ik dat goed verstaan….. Ja hoor, ze vroeg echt of wij interesse hadden in de korting voor 62-plussers!! Nou ja zeg, zien wij er echt al zo oud uit, het duurt toch echt nog een dikke 10 jaar voordat wij recht hebben op die korting hoor.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlHoogtepunt van het park is de gereconstrueerde kiva, we hebben al heel wat van die uitgegraven ronde gebedsruimtes gezien maar nog nooit eerder eentje die helemaal in de oude staat was hersteld. Het was echt mooi om het ook eens op deze manier te bekijken, je krijgt dan toch weer een heel ander beeld van hoe het er vroeger moet hebben uitgezien. We moesten wel veel geduld hebben om de kiva te fotograferen, zo binnen in het donker vroeg ons fototoestel om een hele lange sluitertijd, en dat betekende dat er niemand binnen in de ruimte mocht rondlopen. En ja, we waren niet de enige bezoekers hier! We hebben net zo lang gewacht tot we de kiva even voor ons alleen hadden, en toen hebben we er toch een paar mooie plaatjes van kunnen schieten. Ook de rest van het park was mooi, al voegde het niet echt iets toe aan wat we eerder al hebben gezien in bijvoorbeeld Chaco Culture National Monument.  

Na ons bezoek aan de Aztec Ruins hadden we nog een korte rit voor de boeg, de afstand tot aan de stad Farmington bedroeg zo’n 15 mijl. In Farmington zijn we allereerst gaan eten bij de Chinees, het buffet daar bleek nog steeds net zo uitgebreid en smakelijk te zijn als twee jaar geleden. Vervolgens zijn we naar de Travelodge gereden, het eenvoudige en lekker goedkope motel dat we ook nog kenden van onze vorige New Mexico-trip. En daarmee zat deze dag er dan toch echt op. Deze vreemd verlopen, maar al met al wel zeer geslaagde dag.
 

 
All pictures © copyright hanz en henriëtte meulenbroeks
Gastenboek
Links Contact Disclaimer